Home Concertagenda Dirigent Koorleden Bestuur Geschiedenis Concertfoto's Componisten Overige zaken

Paul Hindemith (1895 - 1963).

  

Als een van de vernieuwers van de moderne muziek - naast Bartok, stawinsky en Schoenberg- was Hindemith componist, dirigent,violist,leraar en muziektheoreticus.Zijn intellectuele belangstelling strekte zich uit over middeleeuwse filosofie en kerkgeschiedenis. Hij kon een groot aantal instrumenten redelijk bespelen.Hij begon als post-romantisch componist te componeren, maar een ommekeer deed zich gelden door zijn kennismaking


met Europese Jazz. De schok die deze confrontatie tot gevolg had heeft en aantal composities opgeleverd, zoals o.a. de Rilke cyclus. Een neoclassicistische stijl ontwikkelde zich geïnspireerd op Bach. De opkomst van de Nazi's deed hem, aangezien hij joods was, naar Amerika vluchten. De veertiger jaren was waarschijnlijk zijn meest creatieve periode. Van 1922 tot 1929 was hij altviolist in het Amar-Quartett. Verder had hij een belangrijk aandeel in de festivals voor moderne muziek van Donaueschingen en Baden-Baden.

In 1927 werd hij compositieleraar aan de Berliner Musikhochschule. Vooral in deze periode kreeg hij grote belangstelling voor pedagogische en theoretische onderwerpen: hij componeerde vele werken voor uitvoering door amateurs – Gebrauchsmusik – en schreef diverse boeken op pedagogisch en theoretisch terrein, die mede zijn invloed bepaalden. Toen tijdens het Hitler-bewind zijn muziek werd geboycot, vestigde hij zich in 1934 in Zwitserland. Van 1934 tot 1937 ging hij elk jaar naar Ankara, om de Turkse regering advies te geven op het gebied van de opbouw van het muziekleven daar.

Na 1937 maakte hij enkele tournees door de Verenigde Staten, waar hij zich in 1940 vestigde en van 1940 tot 1953 docent aan de School of Music van Yale University en van 1949 tot 1950 docent aan Harvard University was. Vanaf 1951 verdeelde hij zijn pedagogische werkzaamheden tussen Yale University en de universiteit van Zürich, waar hij zich in 1953 voorgoed vestigde, terwijl hij zich tevens steeds meer wijdde aan het dirigeren.


Hindemith stond als componist aanvankelijk onder invloed van Brahms en Reger. De eerste pogingen tot vernieuwing – vanaf de strijksonates opus 11 – openbaren zich in een streven naar bevrijding uit de traditionele harmonische wetten en een zoeken naar een nieuw beginsel voor een autonome melodie. De drieklank wordt vier- en meerklank, het begrip consonant verdwijnt, tonaliteit wordt polytonaliteit, enz. Aangezien de tonaliteit volgens Hindemith een natuurwet is, blijft de samenklank, ondanks de door een sterk polyfoon stemmenweefsel veroorzaakte dissonanten, ook in latere werken steeds tonaal.

In 1934–1935 ontstond, na een reeks in de jaren twintig geschreven eenakters, alsmede na de opera Cardillac (1926; tweede versie 1952), de met traditionele middelen gecomponeerde opera Mathis der Maler (première 1958). Taal en compositietechniek van dit werk zouden voortaan een bepalende invloed hebben op het gehele oeuvre van Hindemith.

Tussen de pianocomposities neemt het magistrale, polyfone Ludus tonalis (1942) een speciale plaats in. Zijn theoretisch hoofdwerk, Unterweisung im Tonsatz, is, evenals zijn vele school- en gebruiksmuziek, van grote betekenis voor de muziekpedagogie.

In Frankfurt is in 1974 het Hindemith-Institut geopend, dat zijn nalatenschap beheert en Frankfurter Studien uitgeeft.


Voor meer info zie : http://www.hindemith.org of